 
| 17 JULI 2011 |
PAGINA 1 VAN 3 |

Renger van der Zande zorgde opnieuw voor een prachtige show, inclusief wat 'burn-outs'
Voor het eerst hield de DTM dit weekeinde een race in een stadion, naar het voorbeeld van de bekende ‘Race of Champions’. In het Olympisch Stadion van München, waar het Nederlands voetbalelftal in 1974 een veelbesproken nederlaag leed en in 1988 een schitterende overwinning vierde, werd een asfaltparcours aangelegd waarop de DTM-coureurs van Audi en Mercedes-Benz in actie kwamen. Audi-coureur Edoardo Mortara en Mercedes-Benz-rijder Bruno Spengler kwamen zowel op zaterdag als op zondag in de finale terecht. Zaterdag won de Italiaan, zondag won de Canadees. En onze landgenoot Renger van der Zande was al even constant: hij eindigde op beide dagen gedeeld als derde. Met 54.000 bezoekers was de stadionpremière zonder meer geslaagd te noemen.
Tekst: René de Boer
Foto's: Willem J. Staat

Winnaar Spengler in het stadion
Vraagtekens
Van tevoren waren er de nodige vraagtekens. Is dat wel leuk, DTM-auto’s in een stadion, wetend dat ze nauwelijks boven de tweede versnelling zouden uitkomen en vanwege hun grote draaicirkel nou niet bepaald wendbaar te noemen zijn? En inderdaad, het maakte allemaal wel veel herrie, maar live in het stadion zag het er niet bijster snel uit. Op televisie werkte het echter perfect, met fraaie close-ups en slow-motions, en pas aan de hand van de televisiebeelden werd vaak duidelijk hoe lastig de opgave voor de coureurs toch nog was, om op het gladde asfalt tussen de muren te blijven en de afgrenzing niet te raken. Vanwege de lage snelheiden was er nauwelijks neerwaartse druk, zodat de enige grip van de Hankook-banden moest komen. En om die snel op temperatuur te krijgen, was ook nog niet eens zo eenvoudig.

Voor Ralf Schumacher was het feest al na de eerste ronde over: hij raakte de muur
Na de onderlinge strijd van Audi en Mercedes-Benz gisteren, die uitmondde in een finale voor de snelste Audi-rijder (Mortara) en de rapste Mercedes-Benz-coureur (Spengler), was het vandaag de individuele competitie die op het programma stond. Daarbij vormden de resultaten van zaterdag de basis voor de samenstelling van de duels: de snelste Audi-rijder nam het op tegen de langzaamste Mercedes-Benz-rijder en andersom, zodat er uiteindelijk twee mensen zouden overblijven voor de finale. Eerst kregen de twee rijders die gisteren al in de voorronde werden uitgeschakeld nog een kans tijdens een promotie-/degradatiewedstrijd. Bij Mercedes-Benz versloeg Stoddart daarin Maro Engel, terwijl Rahel Frey bij Audi het onderspit delfde tegen Miguel Molina. Vervolgens luidden de duels in de achtste finales: Mortara tegen Stoddart, Coulthard tegen Albuquerque, Ekström tegen Paffett, Van der Zande tegen Scheider, Rockenfeller tegen Vietoris, Schumacher tegen Tomczyk, Jarvis tegen Green en Molina tegen Spengler.

Voor Coulthard betekende muurcontact ook het voortijdige einde
Beslissingen wedstrijdleiding helpen Van der Zande en Spengler verder
Renger van der Zande klopte in de achtste finale Timo Scheider, die het dit weekeinde duidelijk niet voor elkaar kreeg. Samen met Mortara, Coulthard, Ekström, Vietoris, Tomczyk, Green en Spengler mocht onze landgenoot daarmee door naar de kwartfinale. Eerst reed Mortara tegen Coulthard, waarbij de Italiaan gemakkelijk won, nadat Coulthard zijn auto in de muur had gereden. Vervolgens kwam Van der Zande tegen Ekström in actie. De Zweed werd als eerste afgevlagd, maar kreeg een tijdstraf van twee seconden opgelegd, omdat hij de wielen van zijn auto teveel had laten doordraaien buiten de zone waar dit was toegestaan. Zo kwam Van der Zande alsnog een ronde verder. Vietoris won het van Tomczyk en ook bij Spengler was er een beslissing van de wedstrijdleiding nodig: de Canadees kwam verder nadat de aanvankelijke winnaar Green een tijdstraf kreeg vanwege te snel rijden in de pitstraat.

Jamie Green was in de pitstraat te snel en kreeg daarvoor een tijdstraf
|
|
 
 |
|